In de peiling: Stabiele verhoudingen

Gepubliceerd: 20-02-2017

  • Nog steeds gaatje PVV en VVD met overige partijen
  • Verschillende ‘typen’ switchers
Zetelpeiling: weinig veranderingen
In de nieuwste zetelpeiling blijft het speelveld ten opzichte van de vorige meting grotendeels intact. De PVV haalt 18,0% (omgerekend 28 zetels), de VVD volgt met 15,5% (omgerekend 25 zetels). Achter de PVV en VVD zien we (nog altijd) een grote groep van middelgrote partijen: D66 staat op 19 virtuele zetels, het CDA op 18 en GroenLinks op 16. Daarachter volgen de SP en PvdA (11) en 50 Plus (9).

Bij de kleinere partijen zien we dat de Partij voor de Dieren nu op 3 zetels zou mogen rekenen en dat DENK[1] nog steeds op (ruim) één virtuele zetel komt. Forum voor Democratie, VNL en de Piratenpartij komen te kort voor een zetel. Datzelfde geldt voor Nieuwe Wegen, GeenPeil, de Burger Beweging en de Ondernemerspartij.
 

1 | Virtuele zetelverdeling week 8 2017: geen verschuivingen      

2 | Virtuele zetelverdeling week 8 2017
  TK 2012   25 feb ‘16 1 april ‘16 2 juni 16 19 sept ‘16 5 dec ‘16 22 dec ‘16 17 jan ‘17 31 jan
‘17
13 feb ‘17 20 feb ‘17
VVD 41   25 25 22 25 25 23 29 22 24 25
PvdA 38 11 10 12 9 7 11 12 10 11 11
PVV 15 32 35 36 29 35 36 30 35 27 28
SP 15 19 16 18 18 15 13 13 14 11 11
CDA 13 16 15 15 14 17 13 16 16 18 18
D66 12 17 18 18 18 17 13 15 15 18 19
ChristenUnie 5 7 8 7 7 7 8 6 6 6 6
GroenLinks 4 11 10 9 13 11 13 14 15 16 16
SGP 3 4 4 3 4 4 3 3 3 3 3
50PLUS 2 4 4 6 7 10 13 9 10 9 9
PvdD 2 4 5 3 3 2 4 3 3 5 3
DENK - - - 0 0 0 0 0 1 1 1
FvD - - - - - 0 0 0 0 1 0
Piratenpartij 0 0 0 0 1 0 0 0 0 0 0
VNL 0 0 0 1 1 0 0 0 0 0 0
Bron: Kantar Public (TNS Nipo), 2017

Nog altijd vooral ‘zekere’ kiezers bij PVV, D66 heeft meeste groeipotentie
Uiteraard zweven nog zeer veel kiezers – afhankelijk van de definitie die men hanteert. Slechts 22%
van de ondervraagden (vorige week: 18%) is naar eigen zeggen volledig geland – hier vertaald als:
geeft op een schaal van 0 (geen enkele stem) tot 10 (alle stemmen) het volledige aantal punten (10).

Kijken we met een vergrootglas naar de meest overtuigde stemmers, dan zien we dat de PVV
percentueel het meeste van dit soort kiezers herbergt (7% van alle ondervraagden[2]), op afstand
gevolgd door de VVD (4%). Een week geleden betrof dat respectievelijk 6% en 3%.
 
Qua potentie heeft D66 onverminderd de beste vooruitzichten om ‘omhoog’ te kijken: de sociaal
liberalen krijgen aanmerkelijk vaker één of meer punten dan drie weken geleden (nu 27%, was 20%).
Geen enkele andere partij komt met een dergelijk hoge ‘potentie’ in de buurt. Dat blijkt ook uit het
feit dat D66 de favoriete tweede keuze is (10%), voor GroenLinks (8%), VVD, CDA, PvdA en SP (alle
7%).     
 
Geen enkele lijsttrekker krijgt handen op elkaar
Veelzeggend: geen enkele lijsttrekker scoort op dit moment een volle zes. Van alle lijsttrekkers krijgt Jesse Klaver gemiddeld de hoogste waardering (5,9), gevolgd door Segers en Pechtold (5,6). Rutte volgt met een 5,5 – vergelijkbaar met Buma (5,4) en Asscher (5,4). Geert Wilders scoort een 4,0 – aanmerkelijk lager dan medio januari (4,6).

Wel geeft nog altijd 3% van de mensen hem een tien en 31% een één – waarmee hij qua waardering met afstand de meest extreme lijsttrekker is. Wat de ‘meest geschikte’ premier van de Nederlanders betreft verandert er evenmin veel: Rutte wordt het vaakst genoemd (21%), gevolgd door Pechtold (12%) en Wilders (10%). 

Veel mensen springen nog heen en weer – ‘typen’ switchers
Ondanks de geringe verschuivingen in virtuele zetels zien we nog het nodige switchverkeer
– zelfs als we naar vorige week kijken. Ten opzichte van vorige week gaat dit switchgedrag echter niet
duidelijk één kant op.
 
Zo zien we enkele ‘typen’ switchers terug: onder andere de grote twijfelaar, de volger van de
kieswijzers, de tegenstemmer, de inhoudelijke kiezer/ belangenbehartiger, en de kersverse kiezer:  
 
Sociaal en voor Nederland. Maar misschien wissel ik nog. Stem hoe dan ook!’ (stemde in 2012 PvdA, gaf vorige week aan SP te stemmen, nu PVV)
 
 ‘Na uitvoerige vergelijkingen via stemwijzer en kieskompas ben ik tot de conclusie gekomen dat de C.U beter past bij mijn opvattingen’ (stemde in 2012 CDA, wist het vorige week nog niet, zou nu ChristenUnie stemmen)

‘De nummer één van de stemwijzer. Sluit ook aan bij mijn ideologie’ (stemde in 2012 PvdA, geeft nu aan Partij voor de Dieren te stemmen)

‘Moet de Kieswijzer of Stemwijzer nog invullen’ (stemde in 2012 VVD, weet het nog niet)
 
‘Hoe dan ook de PVV dwarsbomen!’ (stemde in 2012 PvdA, zou nu GroenLinks stemmen)
‘Ik kan niet onder de voeten uit met alle partijen. Ik ga dwarsliggen en kies de PVV’ (stemde in 2012 niet, zou nu PVV stemmen)
 
‘Ik heb een gezin met 2 kinderen, mijn vrouw en ik werken beiden. Daarom denk ik dat de VVD het beste bij mijn situatie aansluit’ (stemde in 2012 PvdA, wist het vorige week nog niet, zou nu VVD stemmen)

‘De elitepartijen laten de ouderen in de steek’ (stemde in 2012 VVD, zou nu 50PLUS stemmen) 

‘Programma staat me aan en de PvdA heeft tot op heden uiteindelijk goede dingen gedaan en de rug recht gehouden’ (stemde in 2012 PvdA, gaf vorige week aan GroenLinks te stemmen, zou nu PvdA stemmen)

‘Ik las op FB de uitslag van een onderzoek naar werkgelegenheid, en bij de SP zou deze het hardst stijgen’ (stemde in 2012 SP, twijfelde vorige week, zou nu SP stemmen)
 
‘Nederland is geen plaats voor moslims omdat ze antidemocratisch zijn en sharia boven alles verkiezen’ (in 2012 te jong om te stemmen, zou nu PVV stemmen)

‘Ik was in 2012 nog geen 18, maar tegengeluid is nodig’ (in 2012 te jong om te stemmen, zou nu DENK stemmen)
 
Onderzoeksnummer: D0542
Het onderzoek is uitgevoerd middels de CAWI-methode (online). De steekproef is getrokken in TNS NIPObase. Aan het onderzoek werkten in totaal 1.574 Nederlanders van 18 jaar en ouder mee (bruto steekproef: n=2.100, totale respons: 75%). Veldwerkperiode: 15 t/m 19 februari 2017.
De steekproef is getrokken op basis van de ideaalcijfers voor geslacht, leeftijd, opleiding, Nielsen-regio, gezinsgrootte, etniciteit (Nederlanders met een autochtone respectievelijk migrantenafkomst) en politiek stemgedrag bij de verkiezingen voor de Tweede Kamer op 12 september 2012.
De resultaten zijn herwogen op geslacht, leeftijd, opleiding, gezinsgrootte, politiek stemgedrag bij de verkiezingen voor de Tweede Kamer op 12 september 2012 en etniciteit (‘autochtonen’ versus ‘mensen met een niet-westerse migratieafkomst).
 
We benadrukken dat we in deze peiling met steekproefmarges te maken hebben. Voor de grootste partij in de peiling (PVV, met 18,0%) komt dit overeen met (maximaal!) zo’n twee zetels hoger of lager. Het verschil met de tweede partij (VVD, met 15,8%) is op dit moment niet statistisch significant. De scores voor D66, CDA en GroenLinks vallen binnen de steekproefmarges, waardoor het onmogelijk te zeggen is welke van deze partijen op dit moment groter is. Daarachter volgen PvdA, SP en 50PLUS.
 
Kantar Public werkt sinds de afgelopen meting met een zogeheten ‘rolling panel’: deelnemers aan het huidige onderzoek zullen opnieuw worden uitgenodigd voor vervolgonderzoeken. Dit betekent dat de steekproef wekelijks voor circa een derde wordt ververst.
 
Bij publicatie of verspreiding graag de bron: Kantar Public (voorheen: TNS NIPO) vermelden.
 

Voor meer informatie kunt u terecht bij:
 
Tim de Beer
t. 020 5225 399 / 06 – 39231175                                                               
e. tim.de.beer@kantarpublic.com
twitter @timdebeer79


Koen de Groot
t. 020 522 55 26
e. koen.de.groot@kantarpublic.com
twitter: @Koen_deGroot

 
[1] De voornaamste potentiële kiezersgroep van DENK (niet-westerse allochtonen) is doorgaans ondervertegenwoordigd in ‘reguliere’ steekproeven (ook de onze). Sinds eind januari wordt, om de invloed van deze groep op de zetelverdeling beter mee te nemen, deze groep naar rato meegenomen - met als resultaat dat DENK ruim een procent haalt (1,2% - omgerekend één zetel).

[2] Dus inclusief niet-stemmers en ‘weet niet’ (n=1574).