Impact op het MKB door corona

Gepubliceerd: 29-06-2021

Om deze vraag te beantwoorden deed Kantar Public in september 2020 individuele interviews met 21 ondernemers in het MKB. De belangrijkste onderzoeksresultaten kun je hieronder lezen:

Impact op het MKB door corona
 
Het Jaarbericht over de Staat van het MKB bevat jaarlijks cijfers van het CBS over het Nederlands midden- en kleinbedrijf (mkb) en een analyse hiervan. De versie van het Jaarbericht 2020 is anders geweest qua inhoud dan de vorige edities. Vanwege de gevolgen van de coronacrisis is er naast de duiding van de cijfers ook aandacht geweest voor het verhaal van de ondernemer. De ministeries van EZK en SZW wilden antwoord krijgen op de vraag in hoeverre wendbaarheid en weerbaarheid bepalend zijn voor bedrijven in het MKB om goed door de coronacrisis te komen.
 
Om deze vraag te beantwoorden heeft Kantar Public in september 2020 individuele interviews gedaan met 21 ondernemers in het MKB .
 
Bekijk het Jaarbericht over de Staat van het MKB 2020
 
 

BELANGRIJKSTE RESULTATEN
 
“De interviews leverden verschillende invalshoeken op die kleuring gaven aan het verhaal over de Staat van het MKB.”  (Merel Thijssen, EZK).
 
“Het onderzoek geeft aan hoe de steunmaatregelen door bedrijven worden gewaardeerd, en aan welke informatie zij behoefte hebben. Ook geeft het onderzoek zicht op impact van de coronacrisis op het personeelsbeleid en bedrijfsvoering en de verwachtingen voor de toekomst.” (Yolanda Ryckaert, SZW)
 
Op basis van de verhalen van deze 21 ondernemers uit het MKB konden we de volgende conclusies formuleren:
 
De wendbaarheid en weerbaarheid van het MKB is een optelsom van factoren
Als gevolg van de coronacrisis zijn bedrijven voor zover mogelijk hun mensen en middelen anders gaan inzetten. Hoofddoel van de ondernemers is hun bedrijf te laten voortbestaan, bij voorkeur met behoud van hun personeel. De andere inzet betreft vooral (beperkte) procesmatige aanpassingen, optimalisatie van processen en zien waar kansen liggen en daar adequaat op inspelen. Bij de meeste ondernemers staat optimalisatie als vanzelfsprekend hoog op de agenda.
 
De wendbaarheid en weerbaarheid van de ondernemers worden bepaald door een samenspel van factoren; het is meestal niet één factor die de doorslag geeft, maar een optelsom. We kunnen concluderen dat vooral de volgende drie factoren een rol spelen:

  • De sector waarbinnen/in men opereert en de aard van de productie of dienstverlening
  • De omvang, eigendomsverhouding, leeftijd en financiële situatie van de onderneming
  • De cultuur binnen een bedrijf en de samenstelling van het personeelsbestand
 
Veel waardering voor de financiële steunmaatregelen van de overheid
De ondernemers probeerden in de eerste maanden van de coronacrisis voor zover mogelijk financiële ruimte te vinden en gingen daar verantwoord mee om. Ze realiseren zich dat uitstel van betalingen of gebruik maken van de financiële steunmaatregelen van de overheid op termijn tot een correctie of naheffing kan leiden.
 
Er is veel waardering voor de financiële steunmaatregelen van de overheid en deze maatregelen hebben er zeker aan  bijgedragen dat ontslag van medewerkers met een contract voor onbepaalde tijd is voorkomen. Deze maatregelen hebben echter niet kunnen voorkomen dat er minder beroep is gedaan op flexwerkers, zoals oproepkrachten, zzp-ers en uitzendkrachten. Als de bedrijfsomvang en aard van het proces het mogelijk maakten, is soms geschoven met personeel, is personeel uitgeleend aan andere bedrijven of  hebben medewerkers andere taken gekregen.
 
Maar de ondernemer is zelf verantwoordelijk voor bedrijfsmatige aanpassingen
Voor hulp bij het inrichten van thuiswerken, aanpassingen op de werkvloer, om- en bijscholing van medewerkers kijken de ondernemers niet naar de overheid. Zij regelen dit zelf, gaan te rade bij andere bedrijven, schakelen hun eigen adviseurs in of kloppen bij een brancheorganisatie aan. Als ondernemers achten zij zichzelf verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering. Naar de overheid wordt vooral gekeken als het om financiële steun gaat. De beslissing om van het derde financiële steunpakket gebruik te maken is vooral afhankelijk van de omzetontwikkeling. Dat er voorwaarden aan de steun zijn verbonden vindt men logisch, maar kennis over deze voorwaarden ontbreekt bij de ondernemers.
 
Coronacrisis heeft tot nu toe weinig invloed gehad op de om- of bijscholing van medewerkers.
Voor wat betreft het omgaan met de veranderingen in de bedrijfsvoering gaat het volgens de ondernemers eerder om ‘informeren’ dan om ‘leren’. Ondernemers staan zeker open voor de ontwikkeling van hun medewerkers, maar zien dit meer in het kader van het (verplicht) op peil houden van kennis en vaardigheden die nodig zijn voor de uitvoering van het werk. Dit soort bijscholing wordt vaak intern opgelost of door de branche geregeld. Ook maakt men gebruik van het trainingsaanbod van klanten en leveranciers, vaak in de vorm van symposia, congressen en netwerkbijeenkomsten. Omscholing is volgens de ondernemers niet aan de orde binnen het eigen bedrijf en zij voelen zich niet verantwoordelijk voor omscholing van medewerkers als toetreding van de arbeidsmarkt. Het aanbod en de terminologie van Leven Lang Ontwikkelen (LLO) sluiten niet aan bij de behoeften van de ondernemers.
 
MEER WETEN?
Wil je meer weten over dit onderzoek? Neem dan contact op met

 Yolanda Schothorst
 Client Director

 e  yolanda.schothorst@kantar.com
 m +31 (0) 6 18 44 63 70